Op 20 maart 2013 startte in Brussel de campagne FRONTEXIT

die de wantoestanden van de Europese grensbewaking FRONTEX

(met o.a. EUROSUR) aanklaagt

 

Context:

Elk jaar ondernemen duizenden mensen een levensgevaarlijke zeereis om Europa te bereiken. Ze ontvluchten armoede, geweld en vervolging. Velen onder hen sterven op zee. UNHCR schat dat er in 2011 alleen al in de Middellandse zee 1500 personen vermist werden of verdronken.  

Vele malen doen officieren en zeebewakers echt inspanning om levens te redden, maar vaak ook loopt het mis omdat reddingsoperaties niet snel genoeg starten of omdat verantwoordelijkheden afgeschoven worden. Er is ook veel onduidelijkheid over terugdrijving van onderschepte boten naar het land waar ze vandaan kwamen

Frontex (afkorting van Frontières extérieures, formeel: Europees Agentschap voor het beheer van de operationele samenwerking aan de buitengrenzen van de lidstaten van de Europese Unie; www.frontex.europa.eu ) is een agentschap van de Europese Unie dat de samenwerking van de lidstaten van de EU coördineert ten opzichte van de gezamenlijke Europese buitengrens. Het agentschap werd in 2004 opgericht en is actief sinds 3 oktober 2005. Het hoofdkwartier is in Warschau, omdat Polen de grootste EU-buitengrens heeft.

Eurosur is een onderdeel van Frontex. Het is een Europees grensbewakingssysteem om zware criminaliteit, zoals drugs- en mensenhandel, te voorkomen en te bestrijden en om slachtoffers onder migranten op zee te verminderen. Eurosur bestaat uit o.a. drones, high-resolution cameras, satellieten en spionagevliegtuigen om boten met migranten op zee te spotten. Daarmee kunnen de autoriteiten  die verantwoordelijk zijn voor grensbewaking, zoals grenswachten, kustwachten, politie, douane en marine, operationele informatie met elkaar uitwisselen en beter met de buurlanden samenwerken. Het systeem wordt in 2013 operationeel en kost (voorlopig) 338 miljoen euro.

 

De taken van Frontex

Het agentschap helpt de lidstaten bij de uitvoering van de Europese voorschriften inzake controles van de buitengrenzen en de terugkeer van niet-EU-migranten naar hun land van herkomst. Alle lidstaten moeten hun eigen grenzen controleren, maar het agentschap helpt opdat dit overal op dezelfde wijze zou gebeuren. De taken omvatten:

-          risico-analyses van de migratiemotieven en de migratieroutes om als basis te dienen voor de Europese asiel- en migratiepolitiek

-          de EU-landen helpen met hun grensbewaking en gebruik maken van het onderzoek naar nieuwe bewakingstechnologieën

-          coördinatie van operationele missies op vraag van een Lidstaat: interceptie van migranten op zee en aan de territoriale buitengrenzen. De intercepties worden uitgevoerd door Europese grenswachters die geleverd worden door diverse nationale politiekorpsen.

-          coördinatie van gezamenlijke repatriëring van uitgewezen migranten door EU-landen

-          samenwerkings- en terugnameakkoorden met derde landen tot stand brengen.

 

Kritiek op Frontex

De kritiek gaat voornamelijk over de vraag in hoeverre Frontex het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens respecteert bij de operationele interceptiemissies van migranten op zee en aan de buitengrenzen. In 2009 klaagde de ngo Human Rights Watch (HRW) de betrokkenheid van Frontex aan bij de terugdrijving van mogelijke asielaanvragers uit Libië door de Italiaanse grenswachters. In 2011 publiceerde HRW het rapport « The EU’s Dirty Hands: Frontex Involvement in Ill-Treatment of Migrant Detainees in Greece ».

 

De actie die tegen Fort Europa gestart is, omvat:

-          De Campagne Frontexit, op 20 maart 2013 gestart door het Euro-Afrikaanse samenwerkingsverband Migreurop (www.frontexit.org)  

-          De Petitie SOS Europa, op 24 april 2013 gestart door Amnesty International en overhandigd aan het Europees parlement.

-          Beide acties klagen aan dat vluchtelingen, asielzoekers en migranten aan de Europese buitengrenzen of op zee vaak geen kans krijgen om asiel aan te vragen. Dit is ‘refoulement / terugdrijving zonder onderzoek van de asielaanvraag’ en strijdig met de Conventie van Genève. Het is ook schending van mensenrechten.

 

Waarom deze acties nu?

-          Het Besluit Europese Raad 2010/252/EU (26 april 2010) – als aanvulling op de Code Schengen Borders (SBC) - bepaalde de verantwoordelijkheid en plichten van deelnemende units bij de bewakingsoperaties aan de buiten- /zeegrenzen.

-          Dit besluit moest voorgelegd worden aan het Europees parlement (EP). Het EP vond dat er nieuwe elementen - namelijk een uitbreiding van de rol van de grensbewakers - in het besluit geslopen waren in vergelijking met het oorspronkelijk Schengenverdrag. Dit werd bevestigd door het Europees Hof van Justitie; het besluit werd vernietigd.

 

-          De Europese Commissie legde recent een ontwerp Regulation voor.

-          Het Europees parlement maakte hierop opnieuw aanmerkingen:

·         de verantwoordelijkheid van FRONTEX over de zee- en grensoperaties wordt nog altijd niet voldoende bepaald

·         er is nog altijd gevaar voor refoulement aangezien migranten bij interceptie op territoriale wateren en op volle zee terug gebracht mogen worden naar het land waarvan zij vandaan kwamen. Terwijl vele van deze landen in N-Afrika, ook Nigeria, Belarus … onregelmatige migratie criminaliseren

·         toch sluit Frontex met dergelijke landen terugnameakkoorden, die de verplichting opleggen om niet alleen eigen onderdanen terug te nemen, maar ook mensen van andere nationaliteiten die door het land trokken vooraleer zij Europa bereikten. Deze terugnameakkoorden zijn vaak informeel, worden afgesloten door administraties (niet de officiële regeringen) en zijn niet publiek controleerbaar.

·         veel ngo’s, o.a. Jesuit Refugee Council (JRC), Human Rights Watch, Migreurop, klagen aan dat het ‘externaliseren’ van het asiel- en migratiebeheer naar 3de landen verhindert dat er asiel kan aangevraagd worden: “asielzoekers geraken niet meer op het territorium van de EU”

·         de ngo’s claimen dat de EU meer openheid moet geven aan en meer samenwerking voorzien met internationale humanitaire organisaties. Dit gebeurt bijvoorbeeld succesvol in het Praesidium project, Lampedusa, waar ngo’s en overheden samenwerken bij het managen van de aankomsten.

·         Ook zou Frontex meer moeten samenwerken met het European Asylum Support Office (EASO) dat asielprocedures en opvangsystemen in de EU op mekaar afstemt; EASO zou steun en vorming kunnen geven aan 3de landen en er zo het risico op misbruik, exploitatie en gebrek aan justitiebijstand verminderen.    

 

Eigenlijk zijn er fundamenteel verschillende visies tussen de instellingen:

De Europese Commissie ziet EUROSUR vooral als instrument voor snelle opsporing en preventie van onregelmatige migratie en grensoverschrijdende misdaad, met daarbij ook voor bescherming en redden van levens van migranten.

De Raad van Ministers legt nadruk op veiligheid en bestrijding van misdaad, waardoor migranten minder in gevaarlijke situaties zullen komen. 

Het Europees Parlement legt nadruk op snellere interventies met als doel bescherming en levens  redden van kwetsbare personen aan de buitengrenzen.